do. 11 jun 2026
9:30

- Het werd gisteren weer een klassieke risk-off sessie met dalende aandelenkoersen in de brede technologiesector, stijgende prijzen voor edelmetalen, hogere energieprijzen en véél onzekerheid over de mate van escalatie in het Midden-Oosten. Er vliegen ginder immers weer meer raketten over en weer, terwijl Iran beweert dat het de Straat van Hormuz volledig afsloot, iets dat de VS meteen en met klem ontkende.
- Gelukkig werden beleggers gisteren getrakteerd op Amerikaanse inflatiecijfers die (nog altijd) geen brede verspreiding van de inflatiedruk doorheen de economie laten zien. Het CPI-cijfer dat de Amerikaanse consumentenprijzen meet steeg in mei zoals verwacht met 4,17% op jaarbasis, maar de kerninflatie verraste positief. Die bewoog licht neerwaarts tot 2,82%, terwijl op 2,91% werd gemikt. De zogeheten “super core” inflatie landde op 2,61% omdat het profiteerde van een daling in transportdiensten.
- Er zijn al bij al dus nog steeds geen duidelijke signalen dat inflatiedruk zich breed begint te verspreiden, ook omdat de voedselprijzen slechts beperkt stegen (+0,16% op maandbasis). Dat alles wil zeggen dat de inflatieverwachtingen voor heel 2026 wat naar beneden werden bijgesteld, zodat de kans op een Amerikaanse renteverhoging verder afnam.
- Dat zorgde voor ietwat ontspanning op de obligatiemarkten, al zal de ECB straks zeker wél overgaan tot een renteverhoging. Een symbolische, zeg maar, bij wijze van signaalfunctie, want aan de basis van de huidige inflatiepiek liggen aanbodschokken op de energiemarkt én via de prijzen van geheugenchips. Niets waar monetair beleid tegen opgewassen is, denken we dan.
- In zo’n klimaat dartelen de grondstoffenprijzen traditioneel op en neer. De goudprijs vaarde er wel bij (+0,5% tot 4.095 dollar per ounce), terwijl de zilver 1,2% herstelde. Veilige havens, zeg maar, en dat terwijl industriële metalen zoals koper (-0,8%) opnieuw wat onder druk stonden. De olieprijs trok ietwat aan tot 93.3 dollar per Brent-vat, al wijst dat niet meteen op geopolitieke paniek. Ondertussen bleef de dollar stabiel tegenover de euro (€1 = $1,1543) en de yen ($1 = JPY 160.55). En de bitcoin. Die blijft op 62.669 dollar wat verder aanmodderen.
- Maar goed, de financiële markten sloten overwegend in mineur. De Euro Stoxx 600 (-0,1%) kleurde over het algemeen rood, met Frankfurt 1% in de min, Parijs 0,5%, terwijl Brussel (+0,6%) en Amsterdam (+0,5%) de neus wél boven water hielden. In de VS viel de technologiezware Nasdaq het sterkst terug (-2%), gevolgd door de S&P 500 (-1,6%) en de Dow Jones (-1,9%). Ook Azië moest met verkoopdruk omgaan. De markten kleurden er dan wel niet bloedrood, maar Hongkong (-0,9%), Japan (-0,6%), China (-0,5%) en Zuid-Korea noteren wel duidelijk lager.
- Vandaag zal de ECB de beleidsrente optrekken van 2% naar 2,25% en dat is meteen hét thema van de dag. In de VS staan werkloosheidsaanvragen en de producentenprijzen voor mei centraal, terwijl Japan publiceert een blik industriële sentimentindicatoren opentrekt. Bedrijfsresultaten zijn er opnieuw amper, al proberen Adobe, Halma en Lennar wel hun beste beentje voor te zetten.








