di. 16 jun 2026
9:30

- De ‘deal’ tussen de VS en Iran werd een hele dag becommentarieerd, ingeschat, gewikt, gewogen, besproken en gefileerd. Dat leverde vooral veel vragen op, en onzekerheid, naast hoop en het gevoel dat we Iran & Co eindelijk wat minder aandacht moeten geven. De realiteit is dat u nogal wat optimisme nodig hebt om van een deal te kunnen spreken, dat de VS verzwakt uit deze episode komt en dat onder meer China hier (alweer) van profiteert. Maar goed, de financiële markten kozen ervoor om niet te veel vragen te stellen en te focussen op een pad met lagere energieprijzen en dito inflatie.
- Optimisme, dus. De Euro Stoxx 600 steeg 0,2%, geschraagd door de DAX (+1,05%), maar afgeremd door de BEL20 (-0,9%) en de AEX (-0,52%). Niet zo op Wall Street, waar de Nasdaq vlot +3,1% hoger dartelde en de S&P 500 +1,65% aandikte. Ook Azië ging met winst de dag uit, maar deed dat met mate: Zuid-Korea (+2%), Taiwan en India (+0,6%), China (+0,2%), terwijl Hongkong (-1,2%) en Japan (-0,1%) rood kleurden. De 2de lezing van ‘Trump’s deal' stemt duidelijk tot nadenken.
- Op de brede markt bleven de bewegingen beperkt. De dollar stabiliseerde (€1 = $1,1578), de goud- (+0,35% tot 4.324,58 dollar) en zilverprijs (-0,35%) behielden de ‘herstelwinst’ van eergisteren en bij de industriële metalen viel vooral de aluminiumprijs (-4,52%) op. De Bitcoin kost ondertussen 66.180 dollar. De obligatiemarkten gingen ook niet helemaal overstag voor ‘dé deal’. De 10-jaarsrente in de VS (4,47%) en in Duitsland (2,95%) daalden hoogstens een beetje, terwijl de 2-jaarsrente ook stabiel bleef op 4,06% en 2,58%.
- Zelfs als de Iran-deal iets om het lijf zou hebben én uit genegotieerd geraakt, blijft de vraag welke economische schade de wereld opliep. De Europese industriële productie stagneerde in april alvast tot een zwakker dan verwachte 0,1% op maandbasis, weliswaar na een opwaarts herziene 0,4% groei in maart. Op jaarbasis steeg de industriële activiteit 0,3%, terwijl die teller in maar nog op -2,8% stond.
- Minstens even belangrijk zijn de Duitse groothandelsprijzen, want die stegen in mei met 5,9% op jaarbasis, goed voor de 18de opeenvolgende maand van stijging, met de vriendelijke groeten van duurdere grondstoffen.
- Ook de Chinese economie stagneerde in mei, omdat zowel de motor van de investeringen als de consumptie stilvielen. De kleinhandel daalde met een forser dan verwachte 0,6% op jaarbasis, de eerste krimp sinds de heropening van de economie na de Covid-lockdowns, terwijl de investeringen in vaste activa met 4,1% krompen. De binnenlandse vraag blijft dus zwak, terwijl de export wél bleef floreren, zodat de industriële productie 4,5% aandikte.
- Moest China meedoen aan het WK voetbal, zou de evaluatie waarschijnlijk in lijn liggen met die van de Rode Duivels; wat sceptisch, gespeend van euforie en onzeker naar de toekomst toe. Anders gezegd, de roep voor extra stimulusmaatregelen voor de consumptie blijft hoog. De Chinese 10-jaarsrente daalde licht tot 1,74%, dus beleggers zijn niet erg verrast door de cijfers. Niettemin blijven de oude problemen springlevend, en dan hebben we het natuurlijk over de vastgoedsector. De investeringen daalde er vorige maand zelfs met 16,2% op jaarbasis, zodat de prijzen van nieuwe woningen in 70 steden daardoor al voor de 35ste maand op rij daalden.
- En tot slot is er nog de Bank of Japan, die net zoals de ECB vorige week haar beleidsrente zoals verwacht verhoogde met 25 basispunten tot 1,0%, het hoogste niveau sinds 1995. Dat moet voorkomen dat de energieschok de inflatie verder aanwakkert, want de onderliggende inflatie zou nu al boven de 2%-doelstelling kunnen uitkomen. Ondanks de hogere rente blijven de financiële condities “ruim ondersteunend”, zodat toekomstige renteverhogingen niet uitgesloten zijn. Maar dat zal natuurlijk afhangen van de verdere evolutie van de economische groei, inflatie en financiële omstandigheden. Wordt vervolgd, jawel …
- Op de agenda domineert de VS vandaag eens niet, want er komen enkel wat arbeidsmarktdata en vastgoedindicatoren naar buiten. Maar in Europa zijn er met de ZEW-sentimentindicatoren voor de eurozone en Duitsland wél belangrijke data, terwijl ook Polen aan komt draven met een set verse inflatiecijfers. Bedrijfsresultaten komen er dan weer van Accsys Technologies, Colruyt, Uxin en Waterdrop.








