wo. 7 okt 2026

Vooruitblik
Economische vooruitzichten
Verenigde Staten
- De Amerikaanse economie groeide in het tweede kwartaal met 1,5%, waarbij particuliere consumptie en investeringen de belangrijkste groeimotoren bleven. De zwakkere bijdrage van netto-uitvoer, voorraden en overheidsuitgaven woog wel op het groeicijfer, maar tastte het onderliggende momentum niet aan. Ook voor het derde kwartaal wijzen de beschikbare cijfers op een stevige economische groei. Vooral investeringen in kapitaalgoederen, aangevoerd door de IT-sector, blijven sterk. De consumptie kreeg in juli tijdelijk een knauw door het verschoven Amazon Prime Day-evenement. Sterke detailhandelsverkopen in augustus suggereren echter dat de consument zijn uitgavenritme behoudt.

- De sterke consumptie wordt ondersteund door een veerkrachtige arbeidsmarkt. In augustus kwamen er opnieuw 162.000 banen bij na een zwakkere periode. De werkloosheid bleef laag op 4,1% en de participatiegraad steeg verder. Ook het gemiddelde aantal gewerkte uren nam toe. Tegelijk daalde het aantal werknemers dat noodgedwongen deeltijds werkt. Het hoge niveau van openstaande vacatures bevestigt de blijvende vraag naar arbeid.

- De Amerikaanse kleinhandelsverkopen lieten in september een veerkrachtig beeld zien en bevestigden dat de consument voorlopig de motor van de Amerikaanse economie blijft. De meest recente officiële cijfers tonen dat de detailhandelsverkopen in augustus met 1,2% maand-op-maand stegen en 6,0% hoger lagen dan een jaar eerder.
- Voor september wijzen voorlopige indicatoren eveneens op een sterke consumptie. De Redbook-index, die de omzetontwikkeling van grote winkelketens volgt, meldde een stijging van de detailhandelsverkopen met 8,3% op jaarbasis in september. Dit suggereert dat Amerikaanse huishoudens ondanks hogere rentevoeten blijven spenderen.

- Niet alle sectoren presteren even sterk. De woningmarkt staat onder druk door de fors gestegen hypotheekrentes. Het aantal woningstarts daalde in juli met 12%, terwijl ook de woningverkopen terugvielen. Bedrijven in de bouwsector blijven bovendien pessimistisch over de vooruitzichten. De uitgaven voor woningbouw namen in juli met 1,3% af. Daardoor blijft vastgoed een belangrijke zwakke plek binnen de Amerikaanse economie.
- De buitenlandse handel vormt eveneens een rem op de groei. Het Amerikaanse handelstekort nam in juli met 24,4% toe, waardoor de netto-uitvoer waarschijnlijk opnieuw negatief zal bijdragen aan de economische groei. Daarnaast blijft het handelsbeleid een belangrijke bron van onzekerheid. Na het aflopen van de tijdelijke Section 122-tarieven werden nieuwe Section 301-tarieven ingevoerd op tientallen handelspartners. Ook escaleerde de handelsspanning met Canada via nieuwe invoerheffingen en Canadese tegenmaatregelen.
- Ondanks deze wijzigingen bleef het effectieve Amerikaanse invoertarief opmerkelijk stabiel op 11,3%. Later dit jaar zullen nieuwe tarieven op farmaceutische producten en polysilicium het gemiddelde tarief naar verwachting verhogen tot 11,8%. De verwachting blijft echter dat de Amerikaanse economie voldoende veerkracht toont om de impact van de handelsoorlog en hogere energieprijzen op te vangen.
- Door de recente sterke economische cijfers wordt de groeiprognose voor 2026 door de KBC macro-economen verhoogd van 2,0% naar 2,1%. Voor 2027 blijft de verwachte economische groei ongewijzigd op 2,0%.
- De Amerikaanse arbeidsmarkt koelde in september verder af, maar vertoonde nog geen tekenen van een scherpe verslechtering. Volgens het U.S. Bureau of Labor Statistics kwamen er in september slechts 29.000 banen bij buiten de landbouwsector, duidelijk minder dan verwacht, terwijl de werkloosheidsgraad licht opliep van 4,1% naar 4,2%.
- Ondanks de zwakke banengroei bleef de arbeidsmarkt relatief stabiel. De werkloosheidsgraad bevindt zich al sinds maart in een smalle band tussen 4,1% en 4,3%, wat erop wijst dat er nog geen sprake is van een snelle verslechtering van de arbeidsmarkt. Het aantal werklozen bedroeg 7,1 miljoen.
- Een belangrijk positief element was de stijging van de participatiegraad van 61,6% naar 61,8%. De beroepsbevolking groeide met 485.000 personen, terwijl het aantal werkenden volgens de huishoudenenquête met 406.000 toenam. De lichte stijging van de werkloosheid was daardoor vooral het gevolg van meer mensen die actief naar werk zochten en niet van massale ontslagen.


- Het Amerikaanse producentenvertrouwen bleef in september opmerkelijk sterk. Volgens de ISM Manufacturing PMI kwam de index uit op 54,5 punten, nauwelijks lager dan de 54,6 punten in augustus. Een niveau boven 50 wijst op een verdere expansie van de industriële activiteit.
- De onderliggende componenten schetsten een positief beeld. De index voor nieuwe orders steeg van 53,7 naar 55,3 punten, wat erop wijst dat de vraag naar industriële producten verder aantrok. Ook de werkgelegenheidsindex verbeterde van 51,2 naar 52,7 punten, terwijl de orderachterstand toenam van 51,8 naar 56,4 punten.
- Tegelijk waren er duidelijke tekenen van toenemende kosteninflatie. De prijzenindex sprong van 71,1 naar 77,9 punten, het hoogste niveau in jaren. Producenten verwezen onder meer naar hogere staal- en aluminiumprijzen, invoertarieven en duurdere energie- en petroleumproducten.
- Hoewel de activiteit sterk bleef, was het sentiment onder bedrijfsleiders minder uitbundig. Volgens de enquête was 40% van de opmerkingen positief en 60% negatief. Bedrijven wezen vooral op onzekerheid rond handelstarieven, geopolitieke spanningen en stijgende inputkosten.

Europa
De economische groei in de eurozone werd voor het tweede kwartaal opwaarts herzien van 0,4% naar 0,6%, vooral dankzij een veel sterker dan verwachte groei in Ierland. Zonder Ierland bedroeg de groei 0,3%, evenveel als in het eerste kwartaal en beter dan verwacht. Ook Duitsland verraste positief met een groei van 0,3%, terwijl Frankrijk stagneerde door begrotingsmaatregelen zoals hogere belastingen en lagere overheidsinvesteringen. Spanje bleef met 0,7% de sterkste groeier van de grote eurolanden, terwijl ook Nederland en Italië degelijk presteerden. De cijfers onderstrepen de grotere veerkracht van de Europese economie. De opwaartse herzieningen versterken het vertrouwen in het groeipad van de eurozone.
De groei werd vooral ondersteund door de netto-uitvoer en de consumptie van gezinnen. Het belang van de export wordt wel enigszins vertekend door de uitzonderlijk sterke Ierse cijfers. De grootste bijdrage kwam uiteindelijk van de huishoudelijke consumptie, met Spanje en Italië als belangrijkste trekkers. Duitse consumenten bleven daarentegen opvallend voorzichtig, waardoor de Duitse groei vrijwel volledig door de export werd gedragen. Ook de investeringen bleven zowel in Duitsland als in de eurozone als geheel zwak. Dat toont aan dat de economische expansie nog niet breed gedragen is.

- De arbeidsmarkt blijft een steunpilaar voor de economie. Het aantal werkenden stijgt verder, al verloopt dat minder snel dan in 2025. De werkloosheidsgraad blijft daardoor dicht bij haar historische dieptepunt. Tegelijk verbeteren de werkgelegenheidsverwachtingen in de enquêtes van de Europese Commissie. Ook het vertrouwen bij consumenten, industrie en dienstensector is de voorbije maanden toegenomen. Enkel de bouwsector blijft duidelijk achterop hinken.

- Vooral uit Duitsland komen voorzichtig positieve signalen. De verwachtingen voor de economische activiteit in de komende zes maanden zijn volgens het ifo-instituut sterk verbeterd. Dat kan erop wijzen dat de begrotingsstimuli en hervormingen van de regering-Merz stilaan effect beginnen te hebben. De eerste tekenen van herstel in de industrie suggereren bovendien dat de economische transformatie op gang komt. Toch blijven grote herstructureringen noodzakelijk en blijft het politieke klimaat broos. De weg naar een duurzaam herstel blijft daarom onzeker.

- De kleinhandelsverkopen in de eurozone bleven in september zwak, wat erop wijst dat de Europese consument nog steeds voorzichtig blijft ondanks de afnemende inflatie en de eerste renteverlagingen van de ECB. De meest recente beschikbare cijfers tonen dat het volume van de detailhandelsverkopen in augustus met slechts 0,1% op maandbasis steeg en 0,8% hoger lag dan een jaar eerder.
- De onderliggende trend blijft eerder matig. De jaar-op-jaargroei van de kleinhandelsverkopen bedroeg in juli slechts 0,6%, het laagste niveau in bijna twee jaar en de derde opeenvolgende maand van vertraging. Dit wijst erop dat huishoudens nog steeds terughoudend omgaan met hun uitgaven.
- Ook de economische sentimentindicatoren gaven een gemengd beeld. Volgens de Europese Commissie verbeterde het algemene economische sentiment in september, maar het vertrouwen in de detailhandel bleef relatief zwak. Consumenten blijven geconfronteerd met hoge levensduurte, terwijl de economische groei in veel eurolanden beperkt blijft.
- De matige consumptie staat in contrast met de situatie in de Verenigde Staten, waar de consument veel veerkrachtiger blijft. In de eurozone wegen de tragere loongroei, de zwakkere arbeidsmarktdynamiek en de onzekerheid over de economische vooruitzichten nog altijd op het uitgavenpatroon van gezinnen.


- Het producentenvertrouwen in de eurozone verbeterde in september verder, ondanks een lichte terugval van het algemene economische sentiment. Volgens de enquête van de Europese Commissie steeg het vertrouwensniveau in de industrie met 1,0 punt, waarmee de opwaartse trend die sinds het voorjaar zichtbaar is, werd voortgezet.
- De verbetering kwam voornamelijk doordat industriële ondernemingen positiever werden over hun toekomstige productie en omdat hun beoordeling van de orderboeken minder negatief werd. Ook de beoordeling van de voorbije productie evolueerde gunstig en de perceptie van de exportorderboeken verbeterde.
- Ondanks deze verbetering bleef het producentenvertrouwen onder zijn historisch gemiddelde. De algemene Economic Sentiment Indicator (ESI) daalde in september licht van 98,4 naar 97,9 punten in de eurozone, wat erop wijst dat de economische omgeving nog steeds uitdagend blijft.

- Door de sterke prestatie in het tweede kwartaal wordt de groeiverwachting door de KBC macro-economen voor 2026 verhoogd van 0,7% naar 0,9%. Voor 2027 wordt de prognose daarentegen verlaagd van 1,1% naar eveneens 0,9%. De hogere energieprijzen en het minder gunstige internationale klimaat wegen op de vooruitzichten voor volgend jaar. Ondanks de verbeterde vertrouwensindicatoren blijft de economische omgeving uitdagend. Verdere neerwaartse bijstellingen zijn mogelijk als de geopolitieke spanningen verder toenemen. De eurozone blijft voorlopig veerkrachtig, maar het herstel blijft kwetsbaar.
China
De Chinese economie groeit verder, maar in een gematigd tempo. Private vertrouwensindicatoren wijzen op expansie, terwijl de officiële PMI's nog altijd op economische krimp duiden. De uitvoer blijft de belangrijkste groeimotor, met een stijging van 25% op jaarbasis in augustus, vooral dankzij hightechproducten zoals batterijen en elektrische voertuigen. Ook de invoer nam sterk toe door de vraag naar technologische componenten en industriële grondstoffen.
- De binnenlandse economie blijft kampen met structurele problemen. Het consumentenvertrouwen blijft laag, de vastgoedsector herstelt niet en de arbeidsmarkt toont weinig verbetering. De detailhandelsverkopen vielen tegen en daalden in augustus zelfs licht. Daarnaast blijven de investeringen in vaste activa krimpen, wat wijst op een aanhoudend zwakke binnenlandse dynamiek. De economische groei wordt geraamd op 4,5% in 2026 en 4,2% in 2027.
- De industriële productie versnelde in augustus van 4,5% naar 5,2% groei op jaarbasis. Indien de Chinese industrie opnieuw meer ruwe olie zou verbruiken, kan dat de druk op de wereldwijde energieprijzen verhogen, zeker als de Straat van Hormuz gesloten blijft. Door de zwakke investeringsactiviteit lijkt een sterke heropleving van de Chinese olievraag op korte termijn echter weinig waarschijnlijk.

- Het Chinese consumentenvertrouwen bleef in september zwak en vormde opnieuw een van de belangrijkste remmen op de economische groei. Volgens de Thomson Reuters/Ipsos Primary Consumer Sentiment Index daalde het vertrouwen licht van 74,79 punten in augustus naar 74,67 punten in september, wat erop wijst dat gezinnen voorzichtig blijven over hun financiële vooruitzichten.
- De zwakke stemming hangt samen met structurele problemen in de Chinese economie. Verschillende analyses wijzen erop dat de aanhoudende malaise op de vastgoedmarkt, een minder sterke arbeidsmarkt en onzekerheid over inkomens en vermogens het vertrouwen van huishoudens blijven aantasten.
- Dat zwakke vertrouwen vertaalt zich in een beperkt consumptieherstel. Hoewel de industriële productie en de exportsector relatief sterk blijven presteren, blijft de binnenlandse vraag achter. Economen merken op dat Chinese gezinnen terughoudend blijven met grote aankopen en eerder sparen dan consumeren.

Inflatie
Verenigde Staten
- De Amerikaanse inflatie bleef in augustus onveranderd op 3,4%. Dat hoge cijfer is grotendeels gedreven door hogere energieprijzen. De voedingsprijsinflatie bleef onder controle en de kerninflatie daalde van 2,5% naar 2,4%. De goederenprijzen stegen licht door een stijging van de autoprijzen. Hogere hotelprijzen dreven de prijzen van huisvesting op. De diensteninflatie (exclusief huisvesting) versnelde, deels te wijten aan een aantal uitzonderlijke prijsstijgingen.
- Gezien de stijging van de olieprijzen verhogen de KBC-economen hun prognose voor de Amerikaanse inflatie voor 2026 en 2027 met 0,1 procentpunt naar respectievelijk 3,4% en 2,6%. Een verdere olieprijsstijging is een belangrijk opwaarts risico voor hun basisscenario.
Eurozone
- De inflatie in de eurozone versnelde in augustus van 2,9% naar 3,2%. De versnelling is grotendeels toe te schrijven aan een nieuwe forse stijging van de energieprijsinflatie. De voedingsprijsinflatie daalde licht, terwijl de kerninflatie afnam van 2,5% naar 2,4%. Binnen de kerncomponenten daalde de inflatie van diensten aanzienlijk, terwijl die van kerngoederen versnelde.
- Gezien de stijging van de energieprijzen hebben we de KBC-economen hun inflatieprognose voor de eurozone opwaarts herzien, van 2,8% naar 3,0% in 2026 en van 1,8% naar 2,1% in 2027, waarbij de risico's duidelijk opwaarts zijn gericht.

Centrale banken
ECB verhoogt rente en houdt rekening met langdurige energiecrisis
- De ECB trok haar depositorente in september met 25 basispunten op tot 2,50% en publiceerde tegelijk nieuwe economische vooruitzichten. De groeiverwachtingen voor de eurozone werden licht verhoogd voor 2026 en 2027, maar de inflatievooruitzichten blijven hardnekkig hoog. Volgens de ECB blijft de kerninflatie in alle scenario's tot minstens 2028 boven de doelstelling van 2%, zelfs bij verdere renteverhogingen. De centrale bank wijst daarbij vooral op de aanhoudende energieprijsschok, een relatief sterke economische groei en een verwachte stijging van de voedingsinflatie.
KBC verwacht lagere inflatie dan de ECB
- KBC Economics deelt de bezorgdheid over de inflatie, maar verwacht vanaf 2027 een snellere afkoeling. Dat komt voornamelijk door een lagere verwachte diensteninflatie en sterkere negatieve base-effecten bij de energieprijzen. Het verschil met de ECB is grotendeels te verklaren door het gebruik van recentere olie- en gasprijsverwachtingen. Ondanks de afkoelende inflatie blijft de verwachting dat de ECB de rente nog minstens twee keer zal verhogen.
Risico op extra renteverhogingen neemt toe
- ECB-voorzitster Christine Lagarde bestempelde de beslissing als "robuust". Financiële markten begonnen na de vergadering zelfs een derde bijkomende renteverhoging in te prijzen, waardoor een piekrente van ongeveer 3,25% mogelijk wordt. De geopolitieke spanningen in het Midden-Oosten en de impact daarvan op energieprijzen vergroten het risico dat de inflatieschok langer aanhoudt dan momenteel verwacht.
Ook de Fed voert de druk verder op
- De Amerikaanse centrale bank verhoogde haar beleidsrente eveneens met 25 basispunten tot 3,875%. De beslissing werd ondersteund door een sterke arbeidsmarkt, met een stevige jobcreatie en een lage werkloosheid. Tegelijk blijft de inflatie duidelijk boven de doelstelling van 2%, terwijl ook de kerninflatie slechts langzaam afkoelt. Daardoor lijkt minstens één bijkomende renteverhoging tegen eind 2026 waarschijnlijk.
Onzekerheid blijft uitzonderlijk groot
- Zowel voor de ECB als voor de Fed blijft de inflatie het belangrijkste aandachtspunt. Indien prijsdruk en energiekosten langer hoog blijven, kunnen beide centrale banken gedwongen worden hun rente nog verder op te trekken. De evolutie van de geopolitieke situatie en de energiemarkten zal daarbij een cruciale rol spelen.
Wat doet KBC Asset Management in de strategie?
- Voor aandelen hanteert KBC Am een neutrale positie t.o.v. de benchmark terwijl obligaties onderwogen zijn. .
- KBC AM is voozichtig voor de cyclische aandelen, die verder afgebouwd werden.
- Binnen de gezondheidszorg wordt de medtech afgebouwd ten voordele van de farma.
- Binnen de niet-cyclische consumentengoederen krijgen de voedingsbedrijven de voorkeur.
- De financiële sector wordt overwogen. Banken profiteren van de stijgende rente en ook de tradingactiviteiten doen het goed gezien de positieve trend op de financiële markten. Ook verzekeraars werden opgebouwd.
- De afgeleiders werden afgebouwd waardoor technologie sterk overwogen is.
- Er is zowel in de VS als in Euopa een kleine positie in small caps.
Bron: KBC Asset Management, KBC Economics, LSEG Datastream, Tradingeconomics.








