Vrijstelling en Minderwaarde
Op deze pagina lichten we toe op welke vrijstelling je kunt rekenen en wat de wetgever zegt over minderwaarden.
1. Is er een jaarlijkse vrijstelling op de meerwaardebelasting?
Ja, op de eerste 10.000 meerwaarde die je realiseert moet je geen meerwaardebelasting betalen. Dat bedrag wordt jaarlijks geïndexeerd. Deze vrijstelling moet je in je eigen belastingaangifte aanvragen.
Voorbeeld:
Je verkoopt in 2026 beleggingen met een totale meerwaarde van 11.000 euro. Als je de vrijstelling aanvraagt in je belastingaangifte zul je op 1.000 euro meerwaardebelasting moeten betalen.
Het gaat om 10.000 euro per persoon. Voor wie gehuwd is volgens het wettelijk stelsel geldt zo een vrijstelling van 20.000 euro per jaar.
Daarnaast kun je de onbenutte vrijstelling beperkt overdragen naar het volgende jaar. Per jaar dat je geen gebruik maakt van deze vrijstelling, kun je tot maximaal 1.000 euro overdragen naar een volgend jaar, met een maximum van vijf jaar. Zo is een gezamenlijke vrijstelling van 15.000 euro per belastingplichtige mogelijk.
Dat betekent dat een gehuwd koppel uiteindelijk een gezamenlijke vrijstelling van 30.000 euro zou kunnen krijgen als ze de overdracht maximaal benutten (in de veronderstelling dat hun beleggingen deel uitmaken van hun gemeenschappelijk vermogen).
Voorbeeld:
Je hebt in 2026 geen beleggingen verkocht. Je kunt in 2027 gebruik maken van een vrijstelling van 11.000 euro. Als je in 2027 beleggingen verkoopt met een totale meerwaarde van 10.600 euro, dan hoef je geen meerwaardebelasting te betalen in het jaar 2027.
2. Kan ik minderwaarde in rekening brengen?
Een minderwaarde ontstaat wanneer je een belegging verkoopt met verlies. Het is perfect mogelijk dat je naast meerwaarden in een bepaald jaar ook minderwaarden realiseert. Deze minderwaarden kun je in mindering brengen op de meerwaarden die je in datzelfde jaar behaalt, over de verschillende soorten beleggingen heen. De gerealiseerde minderwaarden van een bepaald jaar kun je niet overdragen naar een volgend jaar.
Aangezien de meerwaarden slechts belastbaar zijn vanaf 1 januari 2026, kunnen minderwaarde ook pas in rekening worden gebracht vanaf 1 januari 2026. Historische verliezen (verliezen waarbij de aankopen dateren van vóór 1 januari 2026) komen niet in aanmerking als fiscaal aftrekbare minderwaarde.
De verrekening van de minderwaarde gebeurt in de aangifte personenbelasting. Bolero, dat de meerwaardebelasting van 10% automatisch zal inhouden wanneer je voor bronheffing kiest, mag geen rekening houden met gerealiseerde minderwaarden.
Je kunt ook nooit meer aftrekken dan je totale meerwaarde in dat jaar. Heb je geen meerwaarde gerealiseerd, dan is het niet mogelijk om je minderwaarde te recupereren.
Voorbeeld:
In 2027 realiseer je een totale meerwaarde van 25.000 euro door de verkoop van verschillende beleggingen. Je verkoopt in datzelfde jaar ook een aantal beleggingen waarop je 3.000 euro verlies realiseert, over de verschillende beleggingen heen. Je belastbare meerwaarde bedraagt dan 25.000 – 3.000 = 22.000 euro (zonder rekening te houden met vrijstellingen).
Wat bij hogere aanschaffingswaarde van vóór het startpunt?
Als je een aandeel hebt gekocht vóór het startpunt (31 december 2025), aan een hogere prijs dan de waarde op het startpunt, zal je deze hogere aankoopprijs bij een verkoop niet in rekening mogen brengen als minderwaarde. Bij minderwaarde is het vroegste startpunt altijd 31 december 2025. Je kan die hogere prijs wel gebruiken als startpunt voor het berekenen van meerwaarde.
Deze laatste mogelijkheid geldt slechts voor verkopen tot 31 december 2030. Bolero mag bij het berekenen van de meerwaardebelasting geen rekening houden met deze historisch hogere aanschaffingswaarde. Je zal die dus zelf moeten aantonen in de aangifte personenbelasting.
Voorbeeld:
je kocht een aandeel in 2023 aan 150 euro. De koers op 31 december 2025 bedraagt 120 euro (het startpunt). Je verkoopt het aandeel wat later aan 125 euro. Je zou dus 10% moeten betalen op 5 euro (het verschil tussen de verkoopwaarde en de waarde op 31 december 2025). Nochtans behaalde je geen echte meerwaarde, aangezien je het aandeel duurder kocht dan verkocht. Tot 31 december 2030 kun je de werkelijke, historische aankoopprijs (150 euro) in rekening brengen, waardoor je geen belasting moet betalen op deze verkoop.