De Verschillende Rechtsvormen
Natuurlijke personen: vrijstelling en rekeningen op één of twee namen
“Natuurlijke personen” zijn gewone mensen van vlees en bloed, zoals particuliere beleggers. Dat in tegenstelling tot rechtspersonen, zoals vennootschappen, vzw’s of stichtingen, die een eigen juridische identiteit hebben.
De nieuwe meerwaardebelasting geldt voor natuurlijke personen. Daarbij speelt de vrijstelling van 10.000 euro per persoon per jaar een belangrijke rol. De vrijstelling geldt per belastingplichtige, niet per rekening.
Daarnaast kan je de vrijstelling die je niet gebruikt beperkt overdragen naar het volgende jaar. Per jaar dat je geen gebruik maakt van deze vrijstelling, kun je per belastingplichtige tot maximaal 1.000 euro overdragen naar een volgend jaar, met een maximum van vijf jaar. Zo is een gezamenlijke vrijstelling van 15.000 euro per belastingplichtige mogelijk.
Voorbeeld:
Je hebt in 2026 geen beleggingen verkocht. Je kunt in 2027 gebruik maken van een vrijstelling van 11.000 euro. Als je in 2027 beleggingen verkoopt met een totale meerwaarde van 10.600 euro, dan zal je geen meerwaardebelasting moeten betalen in het jaar 2027.
Dat betekent dat een gehuwd koppel uiteindelijk een gezamenlijke vrijstelling van 30.000 euro zou kunnen krijgen als ze de overdracht maximaal benutten (in de veronderstelling dat hun beleggingen deel uitmaken van hun gemeenschappelijk vermogen).
Rekening op één naam of twee namen?
- Voor wie gehuwd is volgens het wettelijk stelsel geldt een vrijstelling van 20.000 euro per jaar. Het maakt dan niet uit of de effectenrekening op één naam staat of gemeenschappelijk is, zolang de effecten deel uitmaken van het gemeenschappelijk vermogen.
- Gehuwd met gemeenschap van goederen? Je krijgt een de vrijstelling van 20.000 euro (of om de 5 jaar tot 30.000 euro). Dat geldt ongeacht op wiens naam de effectenrekening staat.
- Gehuwd met scheiding van goederen? In dat geval bestaat er geen gemeenschappelijk vermogen, maar enkel eigen vermogen. Zelfs een rekening op naam van beide echtgenoten creëert geen ‘gemeenschap’, maar hoogstens een onverdeeld vermogen. De meerwaarden behoren toe aan de persoon die eigenaar is van het vermogen. Alleen die eigenaar kan de vrijstelling van 10.000 euro gebruiken.
Alleenstaand of samenwonend?
- Ben je niet‑samenwonende of alleenstaande, dan word je uiteraard individueel belast. Je hebt recht op 10.000 euro vrijstelling per jaar. Die vrijstelling geldt per persoon, niet per rekening.
- Feitelijk samenwonenden (op hetzelfde adres gedomicilieerd en een gezamenlijke huishouding voerend, maar niet gehuwd of niet wettelijk samenwonend) worden beschouwd als alleenstaanden. Je moet elk afzonderlijk je eigen aangifte indienen en je wordt afzonderlijk belast. Staat de rekening op één naam, dan worden alle meerwaarden in principe aan die persoon toegerekend en geldt er één vrijstelling van 10.000 euro. Gaat het om een rekening op twee namen, dan wordt er gekeken naar de juridische eigendomsverhouding (als er niets is vastgelegd, geldt de 50/50 verdeling). De twee samenwonenden hebben in dat geval elk recht op een vrijstelling van 10.000 euro voor het deel van de meerwaarden waarvan zij eigenaar zijn. Je kan minderwaarden of vrijstellingen niet onderling compenseren.
- Woon je wettelijk samen en is de verklaring van wettelijke samenwoning afgelegd vóór 1 januari van het inkomstenjaar? Dan word je volledig als echtgenoten gelijkgesteld en vul je een gezamenlijke aangifte in.
- Woon je wettelijk samen en is de verklaring van wettelijke samenwoning afgelegd na 1 januari van het inkomstenjaar? Dan word je voor dat inkomstenjaar nog beschouwd als alleenstaande.
Voor meer informatie verwijzen we je door naar de website van de Federale Overheidsdienst Financiën.
Wat is de impact op een burgerlijke maatschap?
Zodra er meer duidelijk is, lees je dat hier.
Wat is de impact op een onverdeeldheid?
Bij een onverdeeldheid zijn meerdere personen samen eigenaar van eenzelfde effectenrekening of portefeuille. De fiscus kijkt niet naar de onverdeeldheid als geheel, maar naar de individuele mede-eigenaars.
De meerwaardebelasting van 10% wordt toegepast per persoon, op het deel van de meerwaarde dat overeenkomt met zijn of haar aandeel in de onverdeeldheid. Als één mede-eigenaar zijn deel verkoopt met winst, dan geldt de belasting alleen voor die persoon.
Voorbeeld: een effectenrekening van 100.000 euro staat in onverdeeldheid tussen drie personen (ieder bezit 1/3 van de rekening). Op 31/12/2025 is de waarde 90.000 euro. In 2026 verkoopt één mede-eigenaar zijn deel (1/3) voor 40.000 euro. Startwaarde voor die persoon: 90.000 euro ÷ 3 = 30.000 euro. Verkoopwaarde: 40.000 euro. Meerwaarde: 10.000 euro. Belasting: 10% van 10.000 euro = 1.000 euro De andere mede-eigenaars betalen niets zolang zij niet verkopen.
Wat is de impact op een onverdeeldheid met vruchtgebruik en naakte eigendom?
Bij financiële activa zoals aandelen, fondsen of obligaties kan het eigendomsrecht opgesplitst worden in:
- Vruchtgebruik: Het recht om de inkomsten te ontvangen, zoals dividenden of interesten.
- Naakte eigendom: Het eigendomsrecht op het financieel actief zelf, maar zonder recht op de inkomsten zolang het vruchtgebruik bestaat.
Wat gebeurt er als de aandelen, fondsen, obligaties verkocht worden?
Aangezien de naakte eigenaren over de effecten in portefeuille beschikken, zullen zij de eventuele meerwaarde die behaald wordt bij een verkoop van effecten in hun persoonlijke belastingaangifte moeten verwerken.
Geldt de nieuwe meerwaardebelasting ook voor vennootschappen/rechtspersonen?
Nee. De nieuwe meerwaardebelasting van 10% geldt niet voor vennootschappen. De belasting is enkel van toepassing op natuurlijke personen en in sommige gevallen op bepaalde rechtspersonen zoals vzw’s die onder de rechtspersonenbelasting vallen. Vennootschappen blijven onderworpen aan de klassieke vennootschapsbelasting op gerealiseerde meerwaarde. De nieuwe regeling komt dus niet bovenop de vennootschapsbelasting.
Wat is de impact op beleggingsclubs?
Een beleggingsclub is een onverdeeldheid: meerdere personen zijn samen eigenaar van eenzelfde effectenrekening of portefeuille. De fiscus kijkt niet naar de beleggingsclub als geheel, maar naar de individuele leden van de club.
De meerwaardebelasting van 10% wordt dus toegepast per persoon, op het deel van de meerwaarde dat overeenkomt met zijn of haar aandeel in de club. Volgens de fiscus moet elk lid zijn of haar eventuele meerwaarde/minderwaarde gemaakt met de club optellen bij de eventuele meer-of/minderwaarde op de persoonlijke rekening (en). Minder- en meerwaarde gehaald met de beleggingsclub tellen dus mee voor de berekening van de persoonlijke vrijstelling tot 10.000 euro.
Voorbeeld: een beleggingsclub met 14 leden heeft een gezamenlijke portefeuille van 140.000 euro op 31/12/2025. Vier leden hebben elk 15.000 euro ingebracht, Tien leden hebben elk 8.000 euro ingebracht. De totaal inbreng = (4 × 15.000) + (10 × 8.000) = 140.000 euro. De club verkoopt in 2026 een pakket aandelen voor 40.000 euro. De meerwaarde op dat pakket is 5.000 euro t.o.v. aankoopprijs). De meerwaardebelasting moet je pro rata berekenen op ieders aandeel in de club: Leden met 15.000 euro inbreng bezitten elk 10,71% van de portefeuille (10,71% van 140.000 = 15.000). Leden met 8.000 euro inbreng bezitten elk 5,71% van de portefeuille. De 5.000 euro meerwaarde wordt verdeeld volgens ieders percentage. Voor een lid met 15.000 euro inbreng (10,71%) is dat dan 535,50 euro meerwaarde. De belasting van 10% daarop komt neer op 53,55 euro. Voor een lid met 8.000 euro inbreng (5,71%) is dat een meerwaarde van 285,50 euro. De belasting van 10% daarop komt neer op 28,55 euro.
Beleggingsclubs: kiezen voor bronbelasting (“opt-in”) of voor “op-out”?
Allereerst nog even kort het verschil tussen beide:
Bronheffing (“opt-in”): Bolero houdt bij de verkoop van aandelen automatisch 10% meerwaardebelasting in en stort dit door aan de fiscus. Bronheffing is de standaardkeuze bij Bolero. Wil de club hiervoor gaan, dan hoef je geen actie te ondernemen.
Opt-out: Bolero houdt niets in. De clubleden moeten alle gerealiseerde meer- en minderwaarden zelf melden, elk in hun eigen rechtspersonenbelasting.
Wil de club kiezen voor “opt-out”, dan kan één lid via mail contact opnemen met het KBC-kantoor. Vraag naar het formulier “Verklaring opt-out meerwaardebelasting voor beleggingsclubs” en vermeld de naam en geboortedatum van de aanvrager. Alle leden van de club moeten het document ondertekenen, waarna het via mail terug naar het KBC-kantoor kan worden bezorgd.
Wat moet je doen als beleggingsclub bij “opt-in”?
Bij de verkoop van een effect: Niets. Bolero houdt, als er een meerwaarde is, automatisch 10% in.
Bij de belastingaangifte: Verdeel de meer- en minderwaarden onder de leden volgens hun aandeel in de club. Bolero bezorgt een overzicht van de gerealiseerde meer- en minderwaarden voor de belastingaangifte. De club berekent en communiceert aan elk lid hoeveel meer- en minderwaarde hij of zij via de beleggingsclub heeft gerealiseerd, in verhouding tot de inleg. Elk lid moet die bedragen optellen bij eventuele meer- en minderwaarden op andere persoonlijke beleggingsrekeningen en opnemen in de belastingaangifte om gebruik te kunnen maken van de vrijstelling.
Opgelet:
Bij elke verkoop met meerwaarde en de keuzer voor bronheffing vloeit er cash uit de beleggingsclub, in eerste instantie naar de fiscus. Later kan die cash (gedeeltelijk) terug bij de leden terechtkomen als zij gebruik maken van de vrijstelling. Het is aan de beleggingsclub om te bepalen hoe zij met die cashuitstroom omgaat.
Wat moet je doen als beleggingsclub bij “opt-out”?
Bij de verkoop van een effect: Niets. Bolero houdt geen meerwaardebelasting in, ook niet als er een meerwaarde is.
Bij de belastingaangifte: Verdeel de meer- en minderwaarden onder de leden volgens hun aandeel in de club. Bolero bezorgt een overzicht van de gerealiseerde meer- en minderwaarden voor de belastingaangifte. De club berekent en communiceert aan elk lid hoeveel meer- en minderwaarde hij of zij via de beleggingsclub heeft gerealiseerd, in verhouding tot de inleg. Elk lid moet die bedragen optellen bij eventuele meer- en minderwaarden van andere beleggingsrekeningen en opnemen in de belastingaangifte, zodat de belasting correct kan worden berekend.