Obligaties

Obligaties

Een vastrentend product in uw portefeuille

Voeg coupons toe aan uw portefeuille

Een bedrijf of land dat kapitaal wil ophalen, kan hiervoor een lening aangaan bij het brede publiek. Zo’n lening wordt een obligatie genoemd. U wordt dus geen mede-eigenaar zoals bij aandelen, maar staat een lening toe voor een beperkte tijd. In ruil krijgt u een vergoeding of coupon.

Kenmerken van obligaties

Diversificatie

Voeg de hoge zekerheid van coupons toe aan uw portefeuille.

Interest

Eén of meerdere keren per jaar een vergoeding.

Lange of korte looptijd

Beleg een bedrag voor enkele maanden of jaren.

De kwaliteit van het bedrijf of land waarin u belegt, kunt u nagaan aan de hand van ratings. Een AAA-score of Triple A geeft de meest veilige obligaties aan. Maar ook voor obligaties gaan risico en rendement hand in hand. Anders gezegd: minder risicovolle obligaties geven een lager rendement of interest.

Het totale bedrag van een obligatie wordt de hoofdsom genoemd. Dit bedrag wordt verdeeld in coupures, zodat de obligatie makkelijker verhandelbaar wordt. De koper van coupures krijgt in ruil voor zijn investering een vaste rente in de vorm van coupons. Deze interest kan één of meerdere keren per jaar worden uitgekeerd. De meeste obligaties lopen niet eeuwigdurend, maar hebben een looptijd die schommelt tussen enkele maanden en tientallen jaren.

Aan het beleggen in obligaties zijn ook risico’s verbonden. Meer informatie over die risico’s leest u hier.

Waarom in obligaties beleggen bij Bolero?

Teken in op obligatie-uitgiftes

Bij Bolero kunt u terecht voor alle uitgiftes van Belgische bedrijfsobligaties.

Scherpe tarieven en gratis couponafrekening

Slechts € 25 makelaarsloon per schijf van € 10.000 en geen extra kosten voor een couponafrekening.

Beste service voor obligaties in vreemde munten

Beleg in obligaties in vreemde valuta en laat ook uw coupons afrekenen of kapitaal uitkeren in originele munt.

Vraag & Antwoord

1. Wat zijn obligaties?

Een onderneming die kapitaal nodig heeft, kan beslissen om aandelen uit te geven of een lening aan te gaan bij het brede publiek. Zo’n lening wordt ook wel een obligatie genoemd. Ook staten kunnen dergelijke obligaties uitgeven.  

Enkele kenmerken van obligaties:  

  • Coupure of nominale waarde - Een obligatie wordt meestal uitgegeven voor een groot bedrag, namelijk de hoofdsom. Deze hoofdsom wordt onderverdeeld in verschillende coupures, zodat de obligatie liquider en gemakkelijker verhandelbaar wordt bv. voor € 1.000. Deze coupure komt ook overeen met de nominale waarde.
  • Couponrente - De koper van de obligatie krijgt in ruil voor het geleende bedrag een (meestal vaste) rente. Deze couponinterest kan een keer in het jaar of meerdere keren per jaar uitgekeerd worden.
  • Looptijd - De meeste obligaties hebben ook een beperkte looptijd die kan variëren van enkele tot tientallen jaren. Op de einddatum wordt de nominale waarde terugbetaald. Er bestaan ook eeuwigdurende obligaties of perpetuals: bij deze obligaties krijgt u enkel een couponinterest en wordt de hoofdsom in principe niet terugbetaald (tenzij de uitgever toch beslist die terug te betalen na een bepaalde periode).
  • Rating of kwaliteit obligatie - Een obligatie geeft u de zekerheid dat u het geleende kapitaal terugkrijgt op de vervaldatum, op voorwaarde dat de instelling die de obligatie uitgeeft kredietwaardig is. Om een indicatie te hebben van die kredietwaardigheid, geven ratingbureaus zoals Moody's en Standard & Poors een bepaalde rating aan de emittent. Hoe hoger die rating is, hoe kredietwaardiger de emittent en dus hoe lager het risico dat de emittent zijn verplichtingen niet kan nakomen. Een AAA-score of Triple A geeft de hoogste rating weer. Debiteurenrisico is daarbij vrijwel onbestaande. Risico en rendement gaan ook hier hand in hand. Met andere woorden: deze minder risicovolle obligaties geven vaak maar een lagere couponinterest. Houd er rekening mee dat naargelang de marktomstandigheden de ratings van obligaties steeds kunnen wijzigen.
2. Hoe wordt de koers van een obligatie bepaald?

Net zoals aandelen kunt u obligaties verhandelen op de beurs. De wetten van vraag en aanbod bepalen dan ook de koers van obligaties.  

De koersen noteren steeds in procenten. Als u de obligatie houdt tot eindvervaldag, dan wordt de obligatie afgelost aan een koers van 100% van de nominale waarde van de coupure.  

De koers van een obligatie hangt af van de marktrente en evolueert steeds in tegengestelde richting ervan. Een obligatie met een couponinterest van 5% zal voor beleggers interessanter zijn als de marktrente op dat ogenblik slechts 2% haalt en beleggers zullen dan ook bereid zijn een hogere prijs of koers te betalen voor die obligatie.  

Bij een stijgende marktrente daalt de koers van een obligatie. Als de marktrente daalt, dan zal de koers van de obligatie stijgen want de couponinterest van de obligatie zal in dat geval aantrekkelijker zijn dan de marktrente.  

  • Een voorbeeld ter verduidelijking:  
    Als een obligatie noteert aan een koers van 99%, dan wil dit zeggen dat beleggers momenteel 1% minder willen betalen dan de nominale waarde. Bij een obligatie met een nominale waarde van € 1.000, bedraagt de marktwaarde op dat ogenblik dan € 990. Als de marktrente daalt, dan kan de koers van de obligatie stijgen naar bijvoorbeeld 101% en bedraagt de marktwaarde € 1 010. Voor beleggers is die obligatie dan interessant omdat de couponinterest hoger zal liggen dan de marktrente.
3. Wat is het actuarieel rendement van een obligatie?

Het actuarieel rendement geeft het effectief rendement aan van een obligatie en houdt met meer factoren rekening dan de couponinterest. Dit rendement wordt eveneens bepaald door de prijs van de obligatie, de resterende looptijd en dergelijke.  

Het actuarieel rendement evolueert omgekeerd evenredig met de prijs van een obligatie. Als de prijs van de obligatie gelijk is aan 100%, dan zal het actuarieel rendement overeenkomen met de couponrente.  

De gebruikelijke wiskundige formule is vrij complex, maar er bestaat een andere formule die het actuarieel rendement bij benadering berekent:  

  1. Berekenen van couponrendement: couponinterest / prijs van obligatie x 100
  2. Bij koersverlies: couponrendement - (verschil / resterende looptijd)
  3. Bij koerswinst: couponrendement + (verschil / resterende looptijd).

Een cijfervoorbeeld ter verduidelijking:  

* Bij koersverlies:  

Stel: u koopt in 2012 op de secundaire markt een obligatie met een couponinterest van 5,30% en koopt die aan een koers van 101,55%. De obligatie werd uitgegeven in 2010 en loopt tot 2017. De resterende looptijd bedraagt dus nog 5 jaar. U wilt weten welk rendement deze obligatie u werkelijk zal opbrengen. Dan kunt u het actuarieel rendement berekenen.  

In bovenstaand voorbeeld is het couponrendement gelijk aan: 5,30 / 101,55 * 100 = 5,22%  

Maar aangezien u de obligatie kocht aan een koers boven 100% (nl. 101,55%), lijdt u een koersverschil: u betaalde immers € 1.011,55 voor de obligatie en krijgt op eindvervaldag slechts € 1.000 uitbetaald. Het koersverschil bedraagt hier dus 1,55. (verschil 101,55% en 100%)  

Het actuarieel rendement of effectief rendement van de aangekochte obligatie bedraagt vervolgens: 5,22 - (1,55 / 5) = 4,91%.  

* Bij koerswinst:  

Stel: u hebt bovenstaande obligatie gekocht aan 98,65%.  

  • Couponrendement is gelijk aan 5,37% of (5,30 / 98,65 * 100).  
  • In dit geval hebt u koerswinst: u kocht de obligatie immers aan een koers kleiner dan 100%: u betaalde slechts € 986,5 en krijgt op eindvervaldag € 1.000 uitbetaald. De koerswinst bedraagt hier dus 1,35%.  

Het actuarieel rendement bedraagt dan: 5,37 + (1,35 / 5) = 5,64%.

4. Wat zijn de risico's van obligaties?
  • Debiteurenrisico: Laag, matig tot hoog. Hangt af van de kwaliteit van de emittent, die wordt beoordeeld door de ratingbureau's. Hoe hoger de rating, hoe geringer het risico. Ratingbureaus geven evenwel een tijdsgebonden appreciatie over een onderneming en zijn niet onfeilbaar. Ratings kunnen tijdens de looptijd van een lening worden herzien, zowel opwaarts als neerwaarts. Achtergestelde leningen houden een groter risico in.
  • Liquiditeitsrisico: Hangt af van de grootte van de emissie, het bestaan en de werking van de secundaire markt voor het effect. De liquiditeit van de secundaire markt verschilt van munt tot munt, maar hangt ook af van de grootte van de emissie en van de kwaliteit van de debiteur. De liquiditeit van een euro-obligatie is niet noodzakelijk constant in de tijd. Een ratingverlaging (= hoger debiteurenrisico) kan de verhandelbaarheid van een euro-obligatie nadelig beïnvloeden.
  • Muntrisico: Geen voor de effecten in euro. Laag, matig tot hoog, afhankelijk van de muntontwikkeling ten opzichte van de euro. In principe is er een omgekeerde verhouding (vooral op lange termijn) tussen het rentepeil en de stabiliteit van de buitenlandse munt. Een munt met een rente die hoger ligt dan bij een andere munt, vertoont de neiging om in waarde te dalen ten opzichte van die andere munt.
  • Renterisico: Laag, voor obligaties met een looptijd < 3 jaar, matig voor obligaties met een looptijd tussen 3 en 5 jaar en hoog voor obligaties met een looptijd > 5 jaar. De prijs van een obligatie op de secundaire markt schommelt met de rentefluctuaties. Bij verkoop van de obligatie voor de eindvervaldag kan het gebeuren dat de belegger een minwaarde moet incasseren. Dat is het geval als de nominale rente van de obligatie lager ligt dan de marktrente voor effecten in dezelfde munt, van vergelijkbare kwaliteit en met dezelfde restlooptijd. In het omgekeerde geval realiseert de belegger een meerwaarde. Het renterisico neemt toe naarmate de restlooptijd van de obligatie langer is en de hoogte van de coupon lager. Het renterisico is dus zeer hoog bij zerobonds.

Meer informatie vindt u in de Brochure Beleggingsvormen.

5. Kan ik handelen in coco's?

FSMA acht coco's geen passend, geschikt product voor particuliere beleggers en u zult dan ook niet via Bolero kunnen handelen in deze producten. Coco's zijn voorwaardelijk converteerbare schuldinstrumenten van financiële instellingen, zijnde hybride obligaties van onbepaalde duur die omgezet kunnen worden in aandelen als er zich een bepaalde trigger voordoet, bv. wanneer het kapitaal van de financiële instelling zakt onder een bepaalde drempel.

Andere types converteerbare obligaties zijn wel verhandelbaar via Bolero.

Hier kunt u de volledige mededeling van de FSMA over deze sperring lezen.